Houwaert’s Hovawart

Genetische onderzoeken

Een belangrijke basis voor een gezond en duurzaam fokbeleid

Gezondheid, welzijn en sociaal gedrag staan centraal in ons fokbeleid. Iedereen die een Hovawart in huis haalt, verdient een gezonde, sociale en evenwichtige hond. Dat begint al lang vóór de geboorte van een pup: bij de kennis, keuzes en verantwoordelijkheid van de fokker en de Rasvereniging(en) waarbij ze aangesloten zijn.

De hondenfokkerij ontwikkelt zich voortdurend

We begrijpen steeds beter hoe erfelijke eigenschappen en aandoeningen worden doorgegeven, terwijl wet- en regelgeving hogere eisen stelt aan fokkers. Verantwoord fokken betekent daarom dat je blijft leren, onderzoeksresultaten serieus neemt en beschikbare kennis daadwerkelijk toepast.

Moderne genetische onderzoeken

Genetisch onderzoek is een onmisbaar hulpmiddel binnen verantwoord fokken. Wij werken al jarenlang samen met VHL (Van Haeringen Laboratorium). Hier hebben wij een eigen account. Met onderzoeken van CombiBreed kunnen erfelijke afwijkingen vroegtijdig worden opgespoord. Daardoor kunnen fokkers beter onderbouwde keuzes maken en helpen voorkomen dat bepaalde aandoeningen bij toekomstige pups ontstaan. Een goede samenwerking met onze dierenarts is ook onmisbaar.

Met een klein bloed- of wangslijmmonster kunnen steeds meer erfelijke eigenschappen worden onderzocht. De uitslagen geven inzicht in de genetische status van ouderdieren en ondersteunen het samenstellen van een zo verantwoord mogelijke fokcombinatie.

Voorkomen is immers beter dan genezen

Iedere aandoening die we met kennis en zorgvuldige keuzes kunnen helpen voorkomen, betekent winst voor het welzijn van toekomstige Hovawarts en hun gezinnen.

Wat is genetica eigenlijk?

Genetica, of erfelijkheidsleer, gaat over de manier waarop eigenschappen van ouders op hun nakomelingen worden doorgegeven.

DNA – de erfelijke bouwstenen

DNA bevat de erfelijke informatie van een hond. Die informatie beïnvloedt eigenschappen zoals vachtkleur, lichaamsbouw en gedrag, maar ook de aanleg voor bepaalde aandoeningen. Iedere hond krijgt erfelijke informatie van beide ouders. Alle erfelijke informatie samen noemen we het genoom.

Genen en allelen

Een gen is een stukje DNA met informatie over een bepaalde eigenschap of lichaamsfunctie. Van de meeste genen heeft een hond twee exemplaren: één van elke ouder. Verschillende versies van een gen noemen we allelen. De combinatie daarvan beïnvloedt hoe een eigenschap zichtbaar wordt en of een erfelijke variant gezondheidsproblemen kan veroorzaken.

Chromosomen

DNA is verdeeld over chromosomen: structuren in cellen waarop duizenden genen liggen. Samen beïnvloeden deze genen de ontwikkeling, gezondheid en eigenschappen van de hond. Door deze informatie beter te begrijpen, kunnen we fokbeslissingen steeds zorgvuldiger en toekomstgerichter nemen.

Waarom genetisch onderzoek in de hondenfokkerij?

Genetisch onderzoek helpt de gezondheid van toekomstige generaties te verbeteren, terwijl typische raskenmerken en genetische variatie behouden blijven. Het stelt ons in staat risico’s eerder te herkennen, ouderdieren verantwoord te combineren en de toekomst van het ras actief te beschermen. Twee begrippen zijn daarbij belangrijk:

  • De inteeltcoëfficiënt (COI)
  • De heterozygositeit (genetische diversiteit)

De inteeltcoëfficiënt (COI)

De COI schat de kans dat een hond twee dezelfde erfelijke varianten van een gezamenlijke voorouder heeft gekregen. Hoe hoger de COI, hoe groter de kans dat ook een schadelijke recessieve variant dubbel aanwezig is. Zo’n variant kan pas problemen veroorzaken wanneer een hond twee kopieën heeft.

Een hoge COI kan daarom wijzen op een groter gezondheidsrisico. Door de COI mee te nemen in fokplannen, kunnen fokkers combinaties vermijden die de kans op erfelijke problemen onnodig vergroten.

Heterozygositeit – genetische variatie

Heterozygositeit geeft aan hoeveel verschillende varianten een hond op onderzochte plaatsen in het DNA heeft. Een hogere heterozygositeit betekent meestal meer genetische variatie, wat belangrijk is voor de gezondheid en toekomst van een ras. Bij weinig variatie kan een ras kwetsbaarder worden voor erfelijke aandoeningen en kan het moeilijker worden om gezonde fokkeuzes te maken.

Verantwoord fokken vraagt aandacht voor zowel individuele honden als de genetische gezondheid van het hele ras. Iedere fokbeslissing heeft immers niet alleen gevolgen voor één nest, maar ook voor de generaties die daarna komen.

Het behouden van raskenmerken en genetische diversiteit

De Hovawart heeft karakteristieke eigenschappen, zoals zijn uiterlijk, werkaanleg, sterke band met het gezin en bijzondere karakter. Die willen wij behouden en versterken, zonder dat een te kleine groep ouderdieren de genetische variatie onnodig verkleint.

Wanneer fokkers steeds op dezelfde eigenschappen selecteren, kunnen dezelfde erfelijke varianten vaker voorkomen. Dat leidt tot meer homozygositeit: een hond heeft dan twee gelijke genvarianten. Dat is niet automatisch problematisch, maar het risico ontstaat wanneer ook ongewenste eigenschappen vaker dubbel voorkomen of de genetische variatie sterk afneemt.

Bij complexe eigenschappen, zoals gedrag en heupdysplasie (HD), spelen meerdere genen en omgevingsfactoren een rol, waaronder voeding, beweging en leefomstandigheden. Zulke eigenschappen zijn daarom niet met één DNA-test volledig te voorspellen. Juist daarom is een brede aanpak noodzakelijk: genetische onderzoeken, gezondheidsonderzoeken, kennis van bloedlijnen en een deskundige beoordeling van gedrag en leefomgeving moeten elkaar aanvullen.

Verantwoord fokken betekent gewenste raskenmerken behouden, genetische variatie bewaren en gezondheidsrisico’s zo veel mogelijk beperken. Dat vraagt om visie op de lange termijn en de bereidheid om verder te kijken dan één nest of één generatie.

Stamboomonderzoek en genetisch bepaalde inteelt

Traditioneel wordt de COI berekend op basis van verwantschap tussen voorouders in de stamboom. Deze methode is nuttig, maar beperkt. Bij berekeningen over bijvoorbeeld vijf of tien generaties wordt vaak aangenomen dat de oudste voorouders niet aan elkaar verwant waren, wat binnen veel rassen niet realistisch is.

Genetisch onderzoek is daarom een belangrijke aanvulling op stamboomberekeningen.

DNA-onderzoek kan de werkelijke genetische overeenkomst tussen honden onderzoeken en, afhankelijk van de methode, een nauwkeuriger beeld geven van homozygositeit en genetische diversiteit. Daarmee krijgen fokkers extra informatie om bewuster te kiezen en genetische risico’s beter te spreiden.

Een genetische inteeltwaarde en een stamboom-COI zijn niet hetzelfde en kunnen niet zomaar worden vergeleken. Ze geven elk andere informatie en vullen elkaar aan. Juist door beide bronnen te gebruiken, ontstaat een vollediger beeld van de genetische gezondheid van een hond en van mogelijke fokcombinaties.

Wetgeving en verantwoordelijkheid

De Nederlandse hondenfokkerij moet voldoen aan wettelijke regels voor dierengezondheid en -welzijn. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) houdt toezicht. Ook de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland speelt een belangrijke rol binnen de georganiseerde rashondenfokkerij.

Rasverenigingen dragen bij met fokreglementen, gezondheidsonderzoeken en deskundige begeleiding. Samenwerking tussen fokkers, rasverenigingen, laboratoria en de Raad van Beheer is daarom essentieel. Ook rasverenigingen die hetzelfde ras vertegenwoordigen, zouden vanzelfsprekend hun kennis en inzichten moeten delen.

Een gezonde toekomst voor de Hovawart vraagt om gezamenlijke verantwoordelijkheid. Door open samen te werken, onderzoeksresultaten te delen en fokbeleid voortdurend te verbeteren, kunnen we meer bereiken dan wanneer iedereen afzonderlijk opereert.

Ons gezamenlijke doel is het behoud en de verbetering van de Hovawart.

Genetisch onderzoek biedt mogelijkheden, geen garanties

Niet iedere erfelijke aandoening kan met een DNA-test worden vastgesteld of voorkomen. Voor sommige aandoeningen bestaan betrouwbare testen die aangeven of een hond vrij is van een variant, drager is of een verhoogd genetisch risico heeft.

Bij aandoeningen zoals heupdysplasie spelen meerdere erfelijke factoren en omgevingsinvloeden een rol. Een gunstige uitslag betekent daarom niet dat een hond of zijn nakomelingen nooit ziek kunnen worden.

Genetisch onderzoek moet worden gecombineerd met andere gezondheidsonderzoeken, kennis van bloedlijnen, beoordeling van gedrag en een zorgvuldige keuze van ouderdieren. Alleen door al deze informatie samen te brengen, kunnen we zo verantwoord mogelijk fokken.

Onderzoek is dus geen garantie, maar wel een krachtige mogelijkheid om risico’s te herkennen, keuzes te onderbouwen en de gezondheid van toekomstige generaties stap voor stap te verbeteren.

Onze visie bij Houwaert's Hovawart

Na vele tientallen jaren fokervaring zijn wij ervan overtuigd dat verantwoord fokken voortdurend in ontwikkeling is. Wat gisteren onbekend was, kunnen we vandaag onderzoeken en morgen misschien helpen voorkomen.

Wij investeren in kennis, onderzoek en nieuwe mogelijkheden die bijdragen aan de gezondheid en het welzijn van onze honden. De samenwerking met gespecialiseerde laboratoria zoals VHL en het gebruik van moderne DNA-onderzoeken helpen ons daarbij.

Niet omdat we volledige gezondheid kunnen garanderen, maar omdat wij alles willen doen wat redelijkerwijs mogelijk is om erfelijke risico’s te beperken. Iedere test, iedere analyse en iedere weloverwogen fokcombinatie draagt bij aan een sterkere basis voor de toekomst.

Wij geloven dat verantwoord fokken vraagt om transparantie, voortdurende ontwikkeling en de moed om beslissingen te nemen in het belang van het ras op lange termijn. De Hovawart van morgen is afhankelijk van de keuzes die fokkers vandaag maken.

Een gezonde Hovawart begint niet bij de geboorte van een pup, maar bij de kennis, keuzes en verantwoordelijkheid van de fokker.

Houwaert's Hovawart – ervaring, kennis en verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties.

```